Nieuwe donorlocatie

De afgelopen jaren werd het zaadmateriaal voor de Nederlandse zeegrasherstelproeven verzameld op het Duitse Waddeneiland Sylt. Sylt heeft een aantal weelderige zeegrasvelden die bedekt zijn met klein en groot zeegras (Zostera noltii en Zostera marina). Zaadmateriaal werd geoogst in het veld bij Puan Klent, zo’n 50 hectare groot. Tot wel 400 kg zaaddragende scheuten haalden we daar vandaan. Dat klinkt indrukwekkend, maar dit is minder dan 0.5% van het totaal aantal groot zeegras planten in het veld en het effect van onze oogst op deze gezonde natuurlijke populatie is dan ook minimaal.

IMG_3579

Groot zeegras tussen klein zeegras op Sylt (2016)

Dit jaar kwamen we er achter, bij een bezoek aan Sylt in juni, dat de dichtheden groot zeegras op Sylt sterk achteruit waren gegaan. Niet alleen in ‘ons’ veld, maar ook in andere velden waar we nog nooit hebben geplukt (deze observatie heeft dus zeer waarschijnlijk niks met onze activiteiten te maken).  Helaas hebben we deze lage dichtheden nog niet kunnen verklaren. In samenwerking met partnerinstituut AWI op Sylt hebben we daarom besloten deze zomer níet op Sylt te plukken zodat het veld zich hopelijk kan herstellen.

Photo 18-08-2018, 15 02 43 (1)

Schakering van groot (vooraan) en klein (achteraan) zeegras

Omdat er volgend voorjaar toch herstelproeven in de Waddenzee en Grevelingen ingezet moeten worden, moesten we op zoek naar een nieuwe donorlocatie. Een tip van Duitse collega’s bracht ons naar Hamburger Hallig in de Noord-Friese Waddenzee. Dit Duitse kwelderschiereiland herbergt nog gezonde zeegrasvelden met voldoende groot zeegras. Anders dan op Sylt staat groot en klein zeegras niet door elkaar, maar netjes gescheiden. Klein zeegras op de verhoogde delen en groot zeegras in de poeltjes waar het minder last heeft van verdroging. Ook is deze locatie niet zandig, zoals op Sylt, maar slikkig, zodat je enkeldiep wegzakt in het wad.

De Duitse autoriteiten waren ons goed gezind en op de valreep hebben we een vergunning gekregen om dit jaar zeegras te mogen oogsten op deze alternatieve locatie. In alle vroegte vertrokken we afgelopen vrijdag (14 sept.) naar de Hamburger Hallig voor de zeegrasoogst met een enthousiast groepje vrijwilligers, onderzoekers en medewerkers van the Fieldwork Company. Onze hoop was om voldoende zaad aan te treffen om te kunnen oogsten. Dat was dit jaar spannend, omdat we in de hele Waddenzee hadden waargenomen dat de zaadproductie van groot zeegras dit jaar niet optimaal was. Mogelijk als gevolg van de hittegolf.

2018-09-14 11.58.46

Zeegrasoogst op de Hamburger Hallig

Gelukkig troffen we voldoende rijpe zaden aan voor de oogst. Het ‘grazen’ kon beginnen! Op vrijdag en zaterdag werd vervolgens enthousiast geplukt en in totaal hebben we een mooie hoeveelheid van 200 kg zaadstengels verzameld zonder zichtbaar blijvende sporen in het veld achter te laten. Nadat we door het snel opkomende water uit het veld waren verjaagd hebben we nog een poging gedaan tot plukken voor gevorderden: het verzamelen van klein zeegraszaad in een hoger gelegen kweldervak. Klein zeegraszaad is ongeveer 5-10 zo klein als groot zeegraszaad en dun bezaaid (soms maar enkele zaadstengels per vierkante meter). Dit betekende op de knieën door het zeegras kruipen op zoek naar zaad. Dit is nog in een experimenteel stadium, maar hopelijk kunnen we hiermee volgend jaar een aantal proeven inzetten met zowel groot als klein zeegras.

De komende weken wordt het verzamelde zeegras verwerkt in de loods van the Fieldwork Company in Groningen.

Photo 14-09-2018, 14 44 13

De zeegrasoogst (groot zeegras)

Photo 15-09-2018, 15 43 33.jpg

Op de knieën klein zeegras verzamelen terwijl het water opkomt

 

Advertisements

Zeegras Griend last van warme zomer

Hoewel het weer inmiddels is omgeslagen en er onstuimige buien over ons land trekken zijn de gevolgen van de warme zomer op het wad nog steeds zichtbaar. Zo heeft er niet alleen massale kokkelsterfte plaatsgevonden, maar ook het zeegras bij Griend heeft last gehad van de hitte en zonnestraling. Met blijvende gevolgen.

2018-08-20 11.56.06

Bijna-afgestorven groot zeegrasplanten bij Griend met vooral bruine bladeren.

Een maand geleden floreerde het in maart aangeplante groot zeegras nog. De planten groeide in sommige proefplots in hoge dichtheden en de eerste zaadproductie was al zichtbaar. Een maand later is het een compleet ander aangezicht. De frisgroene bladeren van met name de plots met hoge plantdichtheden zijn bruin geworden en staan op het punt van afsterven. Omdat droogvallend groot zeegras een éénjarige plant is kunnen de planten deze schade ook niet meer repareren: alle energie zou op dit moment moeten gaan naar de zaadproductie in plaats van naar de aanmaak van nieuw blad. De planten zijn dus langzaam aan het verpieteren. Dat doen droogvallende groot zeegrasplanten elk jaar, maar nu dus al een dikke maand eerder dan normaal. En dat heeft ook schadelijke gevolgen voor volgend jaar: de zaadstengels die nu vol zaad zouden moeten zitten zijn leeg. Zaadproductie is gestopt en de zaden dit al aan het rijpen waren zijn weggerot. Dat betekent geen zaden voor volgend jaar.

Omdat het hier gaat om kleinschalige proefplots zijn de gevolgen gelukkig te overzien omdat deze populatie waarschijnlijk toch te klein is om zichzelf in stand te houden. Maar  dat betekent waarschijnlijk wel dat er volgend jaar weer zaad geplant moet worden om het veld in stand te kunnen houden. Gelukkig lijken de losse planten buiten de proefvlakken minder last te hebben gehad van de warmte.

DSC_1942

Gezonde planten in juli: vooraan losse planten in het water, daarachter een ‘zeegrasbult’ die boven het water uitsteekt met een cluster van planten

Interessant genoeg zijn de effecten van de hittegolf júist te zien bij de planten die in clusters groeien, met meer dan 10 planten per vierkante meter. Dat zijn de doeldichtheden, die ook ecologisch gezien relevant zijn. Zeegrassen zijn biobouwers, en dat is juist in deze clusters te zien. Als de planten in hoge dichtheden staan remmen ze de stroming en kan fijn zand en slib uitzakken. Het gevolg? De plantenclusters hebben over de zomer heen flinke heuveltjes gevormd (>5 cm) waardoor ze elk tij ook echt droog kwamen te liggen. De losse planten daarentegen stonden permanent in een laagje water waardoor ze minder last hebben gekregen van uitdrogingsverschijnselen. Daarnaast vangen hoge plantdichtheden niet alleen fijn zand in, maar ook organische stofdeeltjes die in het water zweven. Door de warmte wordt de afbraak van organisch stof in het sediment verhoogd en wordt het zeegras  blootgesteld aan giftige afvalproducten zoals sulfide (rotte eierenlucht). In de ‘zeegrasbulten’ hebben we tot wel 9x zoveel sulfideproductie gemeten als ernaast. De hoge plantdichtheden hebben dus last gehad van dubbele stress: uitdroging en sulfide-blootstelling!

De biobouweffecten van zeegrassen pakken normaal positief uit en zorgen er zelfs voor dat ze kunnen groeien op locaties die normaal niet zo geschikt zijn. Opvallend genoeg pakken deze biobouweigenschappen onder deze extreme weersomstandigheden juist negatief uit. Voor de planten met slechte afloop, maar wetenschappelijk gezien wel erg interessant.

 

 

Uitbundig zeegras bij Griend

Het zeegras bij Griend groeit uitbundig. Op de uitzaailocatie waar het zaad in maart de bodem in is gespoten staan nu duizenden planten. Zowel ín als buiten de proefvlakken.

DSC_1939

Groot zeegrasplanten bij Griend, juli 2018

Op deze locatie testten we verschillende zaaimethodes uit, zoals beschreven in de blog van 28 juni. We bekijken de effectiviteit van de zaaidiepte, aantal zaden per injectie en aantal injecties per vierkante meter.

De eerste resultaten laten inderdaad zien dat sommige zaaimethodes bij Griend beter werken dan anderen. Het hoogste aantal planten per vierkante meter (>12/m2) vonden we bij de inzaaimethode waarbij we de zaden op 4 cm diepte in de bodem spoten, met 20 zaden per injectie en 100 injecties per vierkante meter. Echter, de ‘behandeling’ waarbij we 2 zaden/injectie in de bodem spoten lijkt bijna net zo effectief (# 10/m2).

Diep zaaien lijkt dus te werken. Waarschijnlijk komt dit doordat er dan minder ‘bolletjes’ modder met zaden wegspoelen uit de injectiegaatjes. En dat er veel zaden zijn weggespoeld blijkt wel uit het oppervlak waarover de groot zeegrasplanten verspreid zijn: rondom de proefvlakken is een heel veld ontstaan en tot op wel 2 km verderop zijn er nog planten aangetroffen.

Een andere leuke observatie is het zogenaamde ‘biobouwende effect’ in de proefvlakken met veel planten. Alleen in deze vlakken is het sedimentprofiel opgehoogd, wat er sterk op wijst dat de planten in hoge dichtheden sediment invangen. Of dit positief is voor de planten moet nog blijken. Hopelijk kunnen ook de hoger-liggende planten de huidige hoge temperaturen weerstaan. Begin september gaan we weer kijken en kunnen we definitieve conclusies trekken over de uitkomst van deze proef.

12

Iers zeegras

img_5843.jpg

In Nederland zijn groot & klein zeegras zeldzame en beschermde plantensoorten. In andere delen van Noord-West Europa zijn uitgestrekte zeegrasvelden gelukkig gebruikelijker. Zo ook in het heldere Atlantische water van West-Ierland. In onder andere de Connemara is in vrijwel elke beschutte baai groot zeegras te vinden. De onderwaterweides zijn ook op google earth te vinden als zwarte vlekken in het helderblauwe water. Sommige velden groeien op een diepte van wel meer dan 8 meter omdat het water zo helder is en het zonlicht diep doorlaat.

Net als elders vormen de zeegrasvelden oases op een anders kale zandbodem. Zo bieden ze een schuilplaats aan onder andere zeenaalden en spinkrabben. Het zand waar zeegras op deze locaties in groeit is behoorlijk grof, en bestaat voornamelijk uit de kalkskeletjes van algen. Deze kalkhoudende algen lijken zelfs een beetje op koralen. Door hun kalkskelet vinden grazers ze niet lekker en worden ze met rust gelaten. Als ze afsterven blijven alleen hun kalkhoudende delen over die zich vervolgens met zand mengen.

In de Ierse zeegrasvelden mengt zeegras zich met kelp. Kelp is een groep van bruinwieren (sommige zijn eetbaar) die ook rijke structuren vormen onderwater. Anders dan zeegrassen hebben kelpen echter geen wortels. Ze staan dus niet verankert ín het sediment, maar hebben rotsen nodig om zich met hun ‘voetjes’ aan te hechten. Omdat de meeste zeegrassoorten zacht substraat (in plaats van harde rotsen) nodig hebben, komen kelpen en zeegrassen niet vaak samen voor.

Kom je ook zeegras tegen op reis? Maak dan een aantal foto’s en upload de foto’s op seagrassspotter.org en help mee om een beter overzicht te genereren van het voorkomen van zeegras op wereldwijde schaal!

Update zeegrasproeven Waddenzee

In maart en april hebben we een zeegrasproef ingezaaid. Zowel op het wad bij Griend als Uithuizen hebben we tienduizenden zaadjes in de bodem geïnjecteerd. Op beide locaties is dezelfde proef opgezet, waarbij we een vergelijking maken tussen verschillende uitzaaitechnieken. Injectiediepte (2 of 4 cm), aantal zaden per injectie (2 of 20) en aantal injecties per vierkante meter (25 of 100) testen we uit in proefvlakken van 4 m2. In totaal is er per locatie ongeveer 200 m2 ingezaaid.

2018-06-27 17.30.20

Jonge groot zeegrasplant op Uithuizen

Inmiddels zijn de opgekomen zaailingen uitgegroeid tot volwassen planten. De levenscyclus van eenjarig groot zeegras gaat namelijk razend snel. Binnen 2-3 maanden na kiemen produceren de planten al de eerste zaden om te zorgen dat ze in één seizoen voldoende zaad kunnen produceren om een succesvolle volgende generatie te waarborgen.

De proef op Griend kende een vliegende start. We vonden heel veel zaailingen (de meeste in de proefvlakken waar we de meeste zaden – 8000/m2 – in hadden gespoten). Omrop Fryslan besteedde hier zelfs aandacht aan. Nu, een maand later, blijkt het gros van de zaailingen bij griend uitgegroeid te zijn tot volwassen planten. In de zaadstengels zijn zelfs al de eerste bloemen aangetroffen. Op Uithuizen is de proef iets later ingezaaid en de planten lopen qua groei iets achter bij Griend. Helaas is Uithuizen dit jaar de minder succesvolle locatie. Er staan maar weinig planten in de proefvlakken. De meeste zijn waarschijnlijk weggespoeld, of als kiemplantje opgegeten door de overaanwezige zagers – een wormensoort die graag zeegraszaden en -kiempjes lust. Ook vonden we op Uithuizen geen planten in de vakken waar vorig jaar (2017) is gezaaid. Wellicht als gevolg van het kruiend ijs van afgelopen winter. Dit ijs heeft wellicht de bovenste laag van de bodem, inclusief zeegraszaden, meegevoerd.

Het wad bij Griend lijkt in tegenstelling tot Uithuizen dit jaar erg geschikt voor zeegras. De komende maanden zullen deze proeven nog vaker worden gevolgd om een duidelijke conclusie te kunnen trekken over de optimale zaaitechniek en het effect van locatie van inzaaien.

IMG_5723

Groot zeegrasplanten bij Griend met verdikte (licht groene) bloeistengels in hoge dichtheden (tot 20 planten/m2)

 

Extra impuls voor zeegrasvelden in de Waddenzee

———– Tekst op basis van een persbericht van Natuurmonumenten ———

Extra impuls voor herstel zeegrasvelden Waddenzee

waddenfonds_logo

Het Waddenfonds draagt bij aan vier jaar extra onderzoek naar het herstel van zeegrasvelden in de Waddenzee. Tegelijk met dat nieuws, blijkt het bij Griend ingezaaide zeegras massaal opgekomen. ‘Dat is goed nieuws’, reageert projectleider Quirin Smeele van Natuurmonumenten verheugd. ‘Het opgekomen zeegras laat zien dat we door de experimenten van de afgelopen jaren in staat zijn om met succes zaad te oogsten en uit te zaaien in de Waddenzee.’ Het vervolgonderzoek richt zich op de factoren die een rol spelen bij de overleving van zeegrasvelden in de Waddenzee.

Screen Shot 2018-06-06 at 09.13.53

Nieuwsbericht op de website van het Waddenfonds

Groot zeegras bij Griend

In maart werd groot zeegras gezaaid op het Wad bij Griend. Het zaad werd afgelopen najaar door vrijwilligers geoogst op Sylt, een Waddeneiland voor de Duitse kust. Het zaad onderging een behandeling met kopersulfaat om een infectie met de Phytophthora waterschimmel te voorkomen. Die bleek uit eerder onderzoek een negatief effect te hebben op de kieming. Het zaaien op het wad gebeurde met spuiten, waarmee een mengsel van wadslik en zaad in de bodem werd gespoten. ‘Nu blijkt dat een groot deel van het zaad is uitgegroeid tot zeegrasplanten,’ licht Laura Govers toe. Zij is onderzoeker bij de Rijksuniversiteit Groningen en de Radboud Universiteit Nijmegen. ‘Ik ben benieuwd hoe de planten zich de komende tijd zullen ontwikkelen.’

2018-03-28 12.50.48

Zeegras zaaien op het wad bij Griend

Sleutelfactoren voor overleving

‘We krijgen steeds beter in de vingers hoe we groot zeegras kunnen terugbrengen in de Waddenzee,’ legt Smeele uit. ‘Verrassend genoeg doet zeegras het in de Noord-Duitse en Deense Waddenzee het veel beter dan op het Nederlandse wad. Het onderzoek moet uitwijzen waarom dat zo is en wat we kunnen doen om de overleving in ons land te verbeteren.’ De komende vier jaar proberen onderzoekers de sleutelfactoren te ontrafelen die ervoor zorgen dat het zeegras bij de buren wel overleeft. Gelijktijdig wordt geprobeerd op zeegras vanuit het gewonnen zaad op te kweken en te vermeerderen. ‘Als we straks weten hoe we op grote schaal zeegrasvelden kunnen herstellen, hebben we zaad of planten in grote hoeveelheden nodig. Dat kunnen we niet meer bij Sylt plukken, zonder daar de natuur te verstoren.’

Zeegrasvelden bieden bescherming

Ondertussen werkt Natuurmonumenten via diverse experimenten door aan het herstel van zeegras op het wad onder Schiermonnikoog, bij Griend en op het Uithuizerwad. Het zeegrasherstel op Griend maakt ook onderdeel uit van zo’n project. ‘Daarin onderzoeken we welk effect mosselbanken en zeegrasvelden hebben op de ontwikkeling van Griend en omgekeerd.’ Govers en haar collega’s hebben daarvoor kunstmatige riffen aangelegd die moeten uitgroeien tot mosselbanken en zeegras ingezaaid. ‘Het nu opgekomen zeegras staat in de luwte van Griend. In andere delen van de wereld zien we dat schelpenbanken en zeegrasvelden zelf een belangrijke rol spelen in de bescherming van de achterliggende eilanden of kust.’ Er zijn sterke aanwijzingen dat zeegrasvelden bijdragen aan een klimaatbestendige kust en bijdragen aan het vastleggen van CO2.

Herstel van rijke zee

Tot in de jaren dertig van de vorige eeuw lagen er uitgestrekte zeegrasvelden in de Waddenzee. Door een ziekte en de aanleg van de afsluitdijk verdwenen de zeegrasvelden. Grootschalig herstel bleef tot nog toe in Nederland uit. Overheden en natuurorganisaties werken samen met onderzoeksinstellingen aan herstel van de rijke Waddenzee. Het nieuwe zeegrasproject is een initiatief van Natuurmonumenten, Rijksuniversiteit Groningen en de Radboud Universiteit. Ze werken daarvoor nauw samen met The Fieldwork Company en Waterproof B.V. Het project wordt ondersteund door het Waddenfonds en Rijkswaterstaat. Daarnaast ligt er een aanvraag voor aanvullende ondersteuning bij de provincies Fryslân en Groningen.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Groot zeegras zaailingen bij Griend (c) Max Gräfnings

Zeegrasartikel in de Levende Natuur

Screen Shot 2018-05-29 at 08.28.41Hét Nederlands tijdschrift voor natuurbehoud en natuurbeheer – De Levende Natuur – besteedt deze maand aandacht aan het zeegrasproject in de Waddenzee. In het artikel ‘Stap voor stap ontrafelen van herstel groot zeegras’ beschrijven we de onderzoeksresultaten van de periode 2015-2017.

In deze periode hebben we voornamelijk onderzoek gedaan naar de sleutelfactoren voor zeegrasherstel (groot zeegras – Zostera marina), waarbij een aantal bottlenecks zijn overwonnen; de overwintering en een waterschimmelinfectie (Phytophthora gemini). Daarnaast wordt uitgebreid stilgestaan bij de methodologische vooruitgang die we hebben geboekt, waardoor er vorig jaar (2017) op het Uithuizerwad tot wel 1.8 planten per vierkante meter zijn opgekomen. dit is bijna 180x zo veel als in 2015.

Dit veldseizoen zijn we al vol in de weer om deze ontwikkeling in onderzoeksmethodes door te zetten. Het doel? Meer dan 15 planten per meter laten groeien. Vanaf 10-15 planten/m2 kunnen de planten elkaar namelijk faciliteren en hebben ze een hoger groeisucces. De allereerste resultaten (zie foto hieronder) zijn al veelbelovend. Op het wad bij Griend hebben we al tientallen zaailingen van groot zeegras aangetroffen in onze experimentele plots. Dat wordt dus spannend om te zien hoeveel daarvan uit zullen groeien tot volwassen, zaaddragende planten.

Het Levende Natuur artikel is hier te lezen.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Groot zeegraszaailingen (bladlengte ongeveer 10 cm)

 

Uithuizen ingezaaid

De zomer is in aantocht. Na het warme weer van vorige week lijkt het klein zeegras (Zostera noltii) op het Uithuizerwad aan de Groningse kust aan een groeispurt te zijn begonnen. Blaadjes worden langer en groener. Er is weer voldoende zonlicht en dus voldoende energie voor de planten om uit te groeien na een lange, en in dit geval ook koude, winter.

Het wad ontwaakt en daarmee is ook de tijd gekomen om groot zeegraszaad uit te zaaien. Op het Uithuizerwad stonden vorig jaar tot wel 3 groot zeegrasplanten per vierkante meter. De nieuwe zaaimethode – met kitspuiten – lijkt dus te werken. Maar 3 planten per vierkante meter is niet genoeg. Het doel is minstens 10-15 planten per vierkante meter te bereiken om te zorgen dat de planten zichzelf en elkaar kunnen ondersteunen (facilitatie) én om de ecologische waarde van de planten te vergroten.

Daarom hebben we dit jaar een kleinschalige proef opgezet waarbij we met verschillende zaaimethodes (zaaidiepte/zaaidichtheid/aantal zaden per injectie) uitproberen wat de meeste planten oplevert. Gisteren zijn de zaden proefsgewijs uitgezaaid. Met het zachte lenteweer verwachten we dat we eind juni de eerste echte planten terug kunnen vinden. Het wordt weer spannend om van de zomer te zien wat deze proef heeft opgeleverd en of we weer een stapje dichter bij ontwikkeling van een optimale zaaimethode zijn gekomen. Op deze blog is hopelijk snel meer te lezen over de eerste resultaten.

2018-04-25 14.07.15

Zeegras zaaien op het Uithuizerwad met de beproefde ‘kitspuitmethode’

Nieuw zeegras voor Zeeland

———– n.b. Dit bericht is gebaseerd op een persbericht van Rijkswaterstaat ———

Deze week is gestart met het zaaien van groot zeegras in het Grevelingenmeer door the Fieldwork Company i.s.m. Radboud Universiteit en Rijksuniversiteit Groningen, in opdracht van Rijkswaterstaat. Samen met Staatbosbeheer en Natuurmonumenten maakt Rijkswaterstaat zich sterk om de waterkwaliteit van de Zeeuwse Wateren te verbeteren. Het herintroduceren van zeegras zorgt voor een ecologisch impuls omdat er als het ware een oase onder water wordt gevormd en daarmee een belangrijke paai- en schuilplaats voor het onderwaterleven.

Het Grevelingenmeer, op de grens van Zeeland en Zuid-Holland, is het grootste zoutwatermeer van Europa. Met de aanleg van de Brouwersdam in 1971 werd de verbinding tussen deze zeearm en de Noordzee afgesloten. Het Grevelingenmeer en het Veerse Meer werden zoeter waarna maatregelen zijn genomen om weer voldoende zout water in te laten. Zeegras kon deze verandering niet aan en verdween grotendeels uit de Zeeuwse Wateren. Omdat zeegras noodzakelijk is voor een rijk en gevarieerd leefmilieu voor planten en dieren is in 2016 op kleine schaal begonnen met het inzaaien van zeegras. Deze pilot sloeg goed aan en er was voor het eerst in 15 jaar weer zeegras te vinden in het Grevelingenmeer. Deze week worden op drie nieuwe locaties in het Grevelingenmeer een miljoen zaden in de kale zandbodem gebracht. Volgend jaar start het inzaaien van zeegras in het Veerse Meer.

Zaaien

De zaden zijn afkomstig van planten uit de Duitse Waddenzee. Vorig jaar hebben vrijwilligers de zaden geoogst die nu worden gebruikt in het Grevelingenmeer.

Het zaaien gebeurt onder water waarbij de onderzoekers liggend op een vlot met een verlengde kitspuit de zaadjes in de bodem brengen. Uiteindelijk moeten er zeegrasvelden ontstaan die zichzelf in stand houden. Om te weten te komen wat de sleutelfactoren voor succesvol zeegrasherstel zijn, worden de uitzaai-experimenten gekoppeld aan onderzoek. Samen met Staatsbosbeheer, Radboud Universiteit, Rijksuniversiteit Groningen en The Fieldwork Company werkt Rijkswaterstaat nauw samen om het zeegras terug te brengen naar de Zeeuwse Wateren. De opgedane kennis wordt gedeeld met een nationaal- en internationaal netwerk aan zeegraskenners.

 

(c) foto’s: the Fieldwork Company

Op deze blog zal op korte termijn een update verschijnen over de voortgang van deze uitzaaiproeven én van het bijhorend onderzoek

Winters zeegras

In Nederland komen twee soorten zeegras voor op het droogvallende wad: groot (Zostera marina) en klein zeegras (Zostera noltii). Groot zeegras groeit elk jaar opnieuw op vanuit zaad. In het voorjaar vestigen de kiemplantjes zich op de kale wadplaten, waarna ze zich razendsnel (binnen 2 maanden) ontwikkelen tot zaaddragende planten tussen juni en augustus. In het vroege najaar valt het rijpe zaad uit de lange zaadstengels en sterft de hele plant, inclusief de ondergrondse delen, af. In de winter is er dan geen enkele groot zeegrasplant meer te vinden op het wad en de zaadjes van het voorgaande groeiseizoen wachten geduldig het voorjaar af.

Groot zeegras zaailing in labopstelling

Klein zeegras heeft een andere overwinteringsstrategie. Deze soort investeert veel in klonale uitbereiding door middel van wortelstokken. In deze wortelstokken worden in het groeiseizoen, suikers en zetmeel opgeslagen. Deze ondergrondse energievoorraad zorgt ervoor dat klein zeegras de donkere winter doorkomt om vervolgens in het voorjaar bij hogere lichthoeveelheden weer uit te kunnen groeien. In de winter kun je dus ook zeegras op het wad aantreffen. Hoewel het meeste blad wordt afgestoten in het najaar heeft elk ondergronds wortelstokfragment tenminste één bruinig blaadje over waaraan je het zeegras kunt herkennen. Daarnaast wordt de aanwezigheid van zeegras op een winterse wadplaat al verraden door het reliëf: in de zomer vangt zeegras slib in waardoor het lokaal zijn omgeving ophoogt. In de winter zijn deze bulten vaak nog te zien omdat de bodem bijeen wordt gehouden door de overwinterende wortelstokken. Dit fenomeen is onder andere op het Uithuizerwad en de Noordkaap langs de Groningerkust te zien. Zo vormt het winterse zeegras een mooi lapjespatroon op het door winterstormen aangeveegde wad.

Kenmerkende zeegrasreliëf op winters wad bij De Noordkaap, Groningen